In deze rubriek geeft onze verslaggever en presentator Theo Leliveld zijn visie over spelers, trainers en zaken die hem opvallen. Zijn enorme kennis over de regionale sport vloeit regelmatig uit zijn pen. Kritisch zoals we van hem gewend zijn, maar wel gezegend met een gezonde realiteitszin…
Ed van der Weijden, een echte “tien”

Trainer Arjan van der Laan van Altior moet een gezegend man zijn, want met Ed van der Weijden krijgt het elftal weer nieuwe aanvallende impulsen. Dat heeft Altior zeker nodig, wil het een verblijf in de tweede klasse met minimaal een jaar kunnen verlengen. Het geeft de ploeg in ieder geval meer offensieve daadkracht.
Van der Weijden is een winnaar, geeft gif aan zijn ploeg en kan het verschil maken. Een aanvaller die zijn ploeg doorgaans op sleeptouw neemt en voorziet van de aanvallende impulsen. Ed is steeds bezig met het kijken naar de spitsen. Op het moment dat er diepte is naar de spits is hij al onderweg om aansluiting te krijgen.
Met Ed in of achter de spits is er altijd iemand dreigend en aanspeelbaar. Hij heeft altijd de drang naar voren en dat is hetgeen dat we eerder niet hadden. Ook andere spelers gaan hierdoor beter spelen.
Met Van der Weijden er weer bij heeft Altior weer iemand die altijd diepgang heeft en een bal kan vasthouden. Hiervan zullen de andere aanvallers en middenvelders gebruik moeten maken.
Je hebt wel iemand met scorend vermogen en creativiteit in de ploeg. Een speler met zeer goed overzicht en kwaliteiten om positiespel in de kleine ruimte te kunnen spelen. Van der Weijden kan goed samenwerken met andere middenvelders of verdedigers. Belangrijk hierin is dat hij ruimte maakt voor deze speler door vrij diep te spelen.
Maar Van der Weijden beheerst ook de kunst om niet in de weg te lopen voor de andere spitsen. Hij heeft zelf heel veel gevoel voor wanneer hij diep moet gaan. Hij staat op 10, omdat de trainer hem graag in de ruimtes ziet komen en dan is hij moeilijk te verdedigen.
Een andere mogelijkheid is de centrumspits te laten inzakken en Ed in die ruimte laten komen. Ed van der Weijden zoekt constant zijn broer Tom. Met de ogen dicht vinden ze elkaar.
Na de kaats diep spelen op de derde speler heb ik meerdere keren gezien tegen Concordia. Hij zorgt goed voor de aansluiting achter de spitsen. Er is veel vertrouwen bij zijn medespelers. Ze spelen hem het vaakst aan van het hele elftal, omdat men weet dat hij zo snel mogelijk weet te openen naar een andere plek op het veld waar dan de ruimte ontstaat.
Voordat hij de bal ontvangt heeft hij al lang gekeken waar ruimte is om de bal te spelen en kan een man erg goed uitkappen. Bij balverlies geen enkel rouwmoment, hij schakelt vaak gelijk om, zijn loopvermogen is ongelooflijk goed. Doorbewegen vanuit zijn positie is voor hem normaal. Dat is bij inspelen van de bal voor medespeler goud waard. Van der Weijden is doelgericht en zal altijd de snelste weg naar de goal zoeken. Dat zit in zijn spel ingebakken. De aanvallende middenvelder wacht tot de verdediger hapt en dat is het moment dat hij er overheen gaat op snelheid.
Zijn eerste aanname is goed, speelt vaak op het juiste been aan, goede timing, gevoel voor waar de bal gaat vallen, heeft scherpte bij afronden en blijft kijken wat de doelman doet. Hoge beginsnelheid bij de dribbel met overtuiging, maakt de beweging om zijn tegenstander te passeren en kwijt te raken. Te veel spelers maken de beweging om de beweging, maar Van der Weijden weet zich hierin te onderscheiden.
Door clubman pur sang Nico Smoorenburg wordt het vaak de “Van der Weijden Show” genoemd. Scoren was een probleem in de eerste wedstrijden en aanvallend kwamen ze tekort. “Dat gaat nu zeker anders worden,” zo besluit Leliveld zijn uitgebreide analyse.